Inloggen
Het weer op locatie
Conditions for Tokyo, JA at 7:29 am JST

Current Conditions:
Fair, 19 C
Forecast:
Sat - Mostly Sunny. High: 24 Low: 16
Sun - Cloudy. High: 24 Low: 16

Current Conditions:
Fair, 19 C
Forecast:
Sat - Mostly Sunny. High: 24 Low: 16
Sun - Cloudy. High: 24 Low: 16
Landen
Amsterdam (Nederland)

Amsterdam verschijnt voor het eerst in de geschreven geschiedenis in 1275 als graaf Floris V de mensen die bij de dam in de Amstel wonen, vrije vaart verleent over de Hollandse wateren. De verlening van dit "tolprivilege" was een zet in een jarenlange strijd om de macht in het gebied. Het Amstelland, behoorde namelijk tot het bisdom Utrecht. Namens de bisschop werd de streek bestuurd door de heren van Amstel.
De Amsterdamse economie dreef op bier en haring. De stad verwierf in 1323 het alleenrecht op de invoer van bier uit Hamburg. De stad kreeg hierdoor een belangrijk handelsmonopolie in Holland.
In 1579 vielen de Nederlanden definitief uiteen in de Unies van Utrecht en Atrecht. De Unie van Utrecht, waarvan zeven gewesten deel uitmaakten, bleef in oorlog met de Spaanse koning. In 1648 sloten zij uiteindelijk de vrede van Munster. Hiermee kwam een eind aan de tachtigjarige oorlog. De zeven gewesten, die het begin waren van het tegenwoordige Nederland, werden De Republiek genoemd.
Vanuit Amsterdam werden de eerste tochten naar Indië ondernomen. Deze waren een gigantisch succes. Ze leverden de aandeelhouders maar liefst vierhonderd procent winst op. Aangespoord door deze resultaten maakte men overal in het land aanstalten om schepen naar Indië te sturen. In1602 ontstond uit al die versnipperde initiatieven de Verenigde Oost-Indische Compagnie, de VOC. Amsterdam nam meer dan de helft van het kapitaal in de nieuwe onderneming voor zijn rekening.
In de zeventiende eeuw realiseerde Amsterdam twee reusachtige stadsuitbreidingen. De beroemde grachtengordel en de Jordaan maakten hiervan deel uit. Voor het eerst werd niet alleen gelet op functionaliteit maar ook op de schoonheid van de stadsaanleg. Verschillende nieuwe, protestantse kerken verrezen, zoals de Zuiderkerk, de Noorderkerk en de Westerkerk. Ook kreeg Amsterdam een nieuw stadhuis, passend bij de belangrijke positie die de stad nationaal en internationaal innam.
De woningwet van 1901 moest een eind maken aan de miserabele woonomstandigheden van veel mensen. Het werd mogelijk slechte woningen te onteigenen en te slopen. Ook stelde de wet minimumeisen aan nieuw te bouwen huizen. Door subsidiemogelijkheden ontstonden veel woningbouwverenigingen in Amsterdam die een grote rol gingen spelen in het huisvestingsbeleid. Andere stadsuitbreidingen kregen hun beslag. Schilderachtige tuindorpen ontstonden. De Amsterdamse school, een idealistische architectuurrichting, bouwde verschillende wijken met sociale woningbouw rondom de oude stad. Hierbij werd veel aandacht besteed aan het uiterlijk van de woningen. Amsterdam werd verder uitgebreid met het kleine vliegveld Schiphol en aan de zuidwest kant van de stad werd een 900 hectare groot bos aangelegd. Werkloosheid teisterde in die jaren de arbeidersbevolking. In 1934 leidde een verlaging van de werklozensteun tot ordeverstoringen in diverse arbeiderswijken.
De Tweede Wereldoorlog veroorzaakte weinig materiële schade in Amsterdam. Maar de Hongerwinter eiste vele levens en als gevolg van de Jodenvervolgingen verloor de stad tien procent van haar inwoners.
Het gemeentebestuur protesteerde niet tegen de verwijdering van joodse en communistische leden. Bovendien toonden de ambtelijke diensten zich volgzaam tegenover de bezetter. De Jodenvervolging heeft ook Amsterdam zwaar getroffen. De eerste razzia's vonden plaats op 22 februari 1941 op het Waterlooplein. Het antwoord van de Amsterdamse bevolking was de Februaristaking op 25 en 26 februari. Het was uniek dat de niet-joodse bevolking het opnam voor haar joodse medebewoners. Toch begonnen in juli 1942 de stelselmatige deportaties. De joden werden bijeengebracht in de Hollandse Schouwburg en werden vandaar naar Westerbork gebracht om naar Duitse concentratiekampen te worden vervoerd.
Na de oorlog stond de stad voor de taak haar twee belangrijkste welvaartsbronnen, de haven en Schiphol te herstellen. De achterstand in de woningbouw moest worden weggewerkt en de stad moest worden aangepast aan het moderne verkeer. Schiphol groeide snel. In 1993 stond het nummer vijf op de ranglijst van Europese luchthavens. Deze ontwikkeling was niet zonder gevaren en nadelen voor de nabijgelegen stad. De Amsterdamse toegang tot zee- en Rijnhaven werd zorgvuldig onderhouden. De havenmond, de kanalen en de sluizen werden regelmatig vergroot en verbeterd. Door de dekolonisatie van Indonesië verloor Amsterdam zijn functie als stapelmarkt voor tropische producten. In plaats daarvan schakelde de haven over op doorvoerproducten als graan en Japanse auto's. Na een periode van rivaliteit met de haven van Rotterdam, bleef Amsterdam naast deze reus een middelgrote haven die gespecialiseerde diensten aanbiedt.
De jaren '80 en '90 staan in het teken van de stadsvernieuwing en het herstel van de Amsterdamse economie. De oude stad behoudt haar woonfunctie, maar ook het bedrijfsleven krijgt weer volop ontwikkelingsmogelijkheden. De Amsterdamse haven en de luchthaven Schiphol verschaffen de stad opnieuw een centrale positie in het Europese vervoersnetwerk.
Dresden (Duitsland)
In de nacht van 13 op 14 februari 1945 werd Dresden verwoest door een Brits bombardement. Ruim 25.000 burgers kwamen om en 75.000 woningen verdwenen van de kaart. De extreem hete vlammenzee veroorzaakte een vuurstorm die mensen de vlammen inzoog. Historici zijn het niet eens over de aard van het bombardement. Ging het om wraak of om een zinloze aanval op burgerdoelen, zoals de Duitse historicus Jörg Friedrich in zijn 'Der Brand' beschrijft? Of was Dresden een strategisch doelwit waarbij enkel een bombardement de Tweede Wereldoorlog kon beëindigen, zoals de Brit Frederick Taylor suggereert in 'Dresden, dinsdag 13 februari 1945'? Of was het bombardement een product van een dolgedraaide militaire bureaucratie, in de zin van 'wat zullen we vandaag eens doen' zoals Kurt Vonnegut, een Amerikaan die als krijgsgevangene het bombardement meemaakte, in ‘Slaughterhouse 5’ schreef?
Na de Tweede Wereldoorlog wilden de communistische autoriteiten Dresden ombouwen tot een socialistische metropool. Dat hield in dat bijna alle ruïnes in het stadscentrum werden opgeruimd. Historisch waardevolle gebouwen werden gesloopt, ondanks sommige protesten, zoals de Sophienkirche die in 1962 werd afgebroken. Een paar historische gebouwen werden herbouwd zoals de Zwinger en de Semperopera. De ruïnes van de Frauenkirche bleven staan als een monument.
Inmiddels is het centrum van Dresden in oude glorie hersteld
Praag (Tsjechië)

Net als andere Europese steden groeide Praag in de 19e eeuw snel door de Industriële revolutie. Economisch en cultureel gezien maakte Praag in de tweede helft van de 19e eeuw een stormachtige ontwikkeling door.
Op 28 oktober 1918 werd de zelfstandigheid van Tsjecho-Slowakije uitgeroepen, met Praag als hoofdstad. Enkele jaren later, in 1922, werd Groot Praag gecreëerd, toen de stad werd samengevoegd met een groot aantal van haar buitenwijken en voorsteden. Enkele van de grootste steden die werden toegevoegd zijn Smíchov, Brevnov en Vinohrady, nu allen wijken van Praag.
Op 15 maart 1939 vielen Duitse troepen Tsjecho-Slowakije binnen. Praag werd de hoofdstad van het Protectoraat Bohemen en Moravië. Emil Hacha, die al president van Tsjecho-Slowakije was, bleef tot 1945 president van het protectoraat onder Duits toezicht. Tot dat jaar bleef Praag bezet door de Duitsers. In de Tweede Wereldoorlog werd de stad nauwelijks vernietigd, doordat ze lange tijd buiten het bereik van de geallieerde luchtmacht viel.
Op 5 mei 1945 werden de inwoners van Praag via de radio tot opstand opgeroepen. Op diezelfde dag was het leger van de Amerikaanse generaal Patton aangekomen in Pilsen (slechts enkele uren verwijderd van Praag), terwijl het Sovjetleger van maarschalk Konev bij de grens van Moravië was. Generaal Patton was een voorstander van het bevrijden van Praag, maar de instructies van generaal Eisenhower waren anders. Eisenhower had gevraagd aan de Sovjetleiding om hem toestemming te geven op te rukken naar Praag, maar hem werd gezegd dat Amerikaanse hulp niet nodig was. Op de Conferentie van Jalta was afgesproken dat het Rode Leger Bohemen zou bevrijden, dus zo geschiedde. Op 9 mei 1945 werd Praag uiteindelijk bereikt door het Sovjetleger. Tijdens de Duitse bezetting vonden 270.000 inwoners van Tsjecho-Slowakije de dood. Op een synagoge in Praag is een inscriptie van de namen van de joden die in Tsjecho-Slowakije de dood vonden.
Na de oorlog werd de Duitse bevolking van Praag verdreven, voor zover zij nog niet waren gevlucht. Praag was nu weer de hoofdstad van Tsjecho-Slowakije geworden. Met de staatsgreep van 25 februari 1948 greep de Communistische Partij van Tsjecho-Slowakije de politieke macht. Er volgde een tijd van onderdrukking, die pas in de jaren 60 enigszins gematigd werd. 1968 was het jaar van de Praagse Lente, maar in augustus van dat jaar werd deze vreedzame matigingspoging hard neergeslagen door de Sovjet-Unie, Polen, Hongarije en Bulgarije, vier partners uit het Warschaupact. Het bekendste protest tegen de Sovjetbezetting is de symbolische zelfverbranding van Jan Palach op 16 januari 1969.
In 1989, nadat de Berlijnse Muur was gevallen en de Fluwelen Revolutie had plaatsgevonden, werd Tsjecho-Slowakije in 1989 bevrijd van communistische invloeden. Praag profiteerde enorm van de nieuwe situatie, wat een sterke economische groei tot gevolg had.
Szczyrks (Polen)

Szczyrk is een plaatsje in de Beskid Slaski Bergen in het zuiden van Polen. Gelegen in de vallei waar ook de rivier Zylica stroomt. Szczyrks heeft ruim 5.800 inwoners en is een populair ski-oord. Tevens is het de belangrijkste trainingsplaats voor de Poolse Olympische winterselectie. In 2009 vond het skischansspringen van de de jeugd olympische spelen in Szczyrks plaats. Szczyrks wordt omringt door twee bergketens grenzend aan de plaats Wisla, ook een moderne wintersportplaats in Polen
Oekraïne

L’viv
L’viv werd gesticht rond 1250, er woonden Polen en Roethenen (Oekraïeners), maar ook Duitsers, Joden en Armeniërs.
In 1772 kwam L’viv bij de Eerste Poolse Deling aan Oostenrijk. In 1918 viel Oostenrijk-Hongarije uiteen. De stad werd uitgeroepen tot hoofdstad van het onafhankelijke West-Oekraïne, maar uiteindelijk werd L’viv weer Pools. Ook in Polen was L’viv een metropool: er woonden toen 318.000 mensen (1939). Een derde daarvan was joods, ongeveer 60% Pools. L’viv bleef Pools totdat sovjettroepen de stad in september 1939 binnenvielen. Van 1941 tot 1944 bezetten de Duitsers de stad.
De Tweede Wereldoorlog verliep dan ook rampzalig voor de stad: de nazi's deporteerden en vermoordden het overgrote deel van de joodse inwoners. De uiteindelijke overwinnaar, de Sovjet-Unie, annexeerde in 1945 de oostelijke strook van Polen, waaronder ook L’viv. De meeste Poolse inwoners belandden honderden kilometers westelijker, in gebieden die Polen van Duitsland toegewezen kreeg. In hun plaats kwamen Oekraïense en Russische immigranten. De stad kwam achter het IJzeren Gordijn te liggen en was veel van haar inwoners, haar geheugen en haar contact met de rest van Europa kwijt.
Aan het eind van de jaren 80 was L’viv wederom het centrum van de Oekraïense nationale beweging, een rol die de stad tot op vandaag is blijven spelen.?Sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie ligt de stad in de republiek Oekraïne.?

Kiev
Kiev ontstond aan de rivier de Dnjepr, op de handelsroute tussen Scandinavië en Constantinopel. Wanneer de stad gesticht is, is onduidelijk.
Kiev beleefde zijn bloeitijd tussen 882 en 1169, toen het de hoofdstad van het Oost-Slavische Kievse Rijk was.
In 1240 werd Kiev, dat met zijn ruim 30.000 inwoners toen een van de grootste steden van Europa was, door de Mongolen verwoest. De volgende zes eeuwen was Kiev niet meer dan een provinciestad in het Pools-Litouwse Gemenebest en het Russische Rijk. In de 19e eeuw begon de stad weer te groeien; omstreeks 1900 had zij 250.000 inwoners.
In de verwarde situatie na de Eerste Wereldoorlog werd Kiev herhaaldelijk veroverd door de verschillende strijdende partijen: Oekraïense nationalisten, Polen, de anti-communistische Russische generaal Denikin en de bolsjewieken. De uiteindelijke overwinning van deze laatsten had tot gevolg dat Kiev en Oekraïne voor ongeveer 70 jaar een deel van de Sovjet-Unie zouden worden (tot deze in 1991 opgeheven werd).
In 1941 werd Kiev veroverd door Nazi-Duitsland. 33.000 joodse inwoners van de stad werden kort daarop vermoord in het ravijn Babi Jar, dat destijds nog buiten de stadsgrenzen van Kiev lag.
In november/december 2004 was Kiev het toneel van felle protestdemonstraties van aanhangers van Viktor Joesjtsjenko tegen de vervalsing van de verkiezingsuitslag door aanhangers van Viktor Janoekovytsj, die uiteindelijk leidden tot de verkiezing van eerstgenoemde tot president.
Luhans’k
In Luhans’k zullen weinigen van ons hun hart verliezen. Deze grauwe industriestad in het oosten van de Oekraïne is weinig verheffend en staat in schril contrast met L’viv en Kiev.
Rusland

Wolgograd, Volgograd, Stalingrad
Is een stad op de westelijke oever van de rivier de Volga in de provincie Volgograd. Het telt ongeveer 1 miljoen inwoners.
De stad is beter bekend onder de naam Stalingrad die de stad droeg van 1925 tot 1961. Oorspronkelijk was het een versterking en een fort aan de Volga dat als zuidelijke verdedigingspost diende. Tijdens de Russische burgeroorlog speelde Stalin een hoofdrol in de gevechten rond deze stad. Daarom werd de stad in 1925 naar hem vernoemd. Volgograd werd wereldberoemd onder de naam Stalingrad omwille van de Slag om Stalingrad die daar uitgevochten werd, en die gewonnen werd door de Russen. Stalingrad werd Volgograd in 1961. Tegenwoordig is het een economisch centrum van Zuid Rusland met veel industrie.
Saratov
Is de hoofdstad van de provincie Saratov in zuidelijk Europees Rusland aan de rivier de Wolga. De stad is het industrieel en commercieel centrum van de omgeving. De stad is gesticht in 1590. De naam van de stad is afkomstig uit het Tartaars Sary-Tau dit betekent de gele berg. Het inwoneraantal is ongeveer 900.000. Heden ten dagen heeft deze stad alles wat men van een moderne stad verwacht, de handel is levendig en de mensen beginnen hun levensstandaard te verbeteren. Tevens heeft deze stad een van de langste bruggen van Europa namelijk een met een lengte van 4.5 km.
Samara
Is de hoofdstad van de provincie Samara in het westen van Centraal-Rusland aan de rivier de Wolga. De stad heeft een inwoneraantal van ongeveer 1.2 miljoen. Het is de stad van de vliegtuigfabrieken en auto-industrie.
De stad is tot 1991 verboden gebied voor buitenlanders geweest. Dit net als vele andere Sovjet steden. De stad heette tijdens het sovjet regime Kuibyschew, naar de Russische generaal, die in de Tweede wereldoorlog gevangen werd genomen door de fascisten. De militair hield zijn mond dicht tijdens zijn gevangenschap. Dit ondanks dat hij tijdens zijn gevangenschap in ijzige kou, midden in de winter met koud water overgoten werd. Aan de gevolgen van deze actie overleed hij later. Aldus werd het stilzwijgen van hem als een patriottische daad van de hoogste orde gezien. De stad is gesticht in 1586 als een fort en werd in 1688 een stad en de hoofdstad van de provincie in 1851.
Barnaul
De stad ligt aan de rivier de Ob, de langste van het land. De grens met Kazachstan ligt ongeveer 100 kilometer ten westen van de stad. Barnaul is een van de oudste steden van Siberië. De stad werd in 1730 gesticht als Kozakkenfort en werd een jaar later een 'echte' stad. De stad werd groot ondermeer dankzij de mijnbouw: in en rond de stad werd zeer veel zilver gewonnen. Vanaf het begin van de twintigste eeuw werd Barnaul ook belangrijk als handelscentrum. In 1902 werd een handelsroute door het Altaigebergte naar Mongolië geopend. In 1915 kreeg de economie nog een impuls toen de stad werd aangesloten op het spoorwegnet en zo een verbinding kreeg met de Transsiberische spoorweg. In 1917 werd een groot deel van de stad verwoest door een enorme brand. Na de brand werd de stad opgebouwd als 'tuinstad' met veel groenvoorzieningen. In de communistische tijd groeide de stad zeer snel.
Barnaul kent veel inwoners van Duitse komaf, ongeveer 10 % van de bevolking. De oorsprong hiervan dateert al uit de tijden van Catharina de Grote, toen mensen uit Duitsland werden aangetrokken om zich in deze regio te vestigen. Veel later, tijdens de Stalinistische periode werden veel Russische Duitsers gedwongen zich in deze regio te vestigen. Door dit feit heeft Barnaul nog een bijzondere band met Duitsland. Dit is zelfs in het straatbeeld te merken: de stadsbussen van Barnaul zijn allemaal tweedehands uit Duitsland overgenomen.
Ulan Ude
Net als de meeste Siberische steden, werd Ulan Ude opgericht tijdens de 17de eeuw. Hoewel de Boeddhistische traditie van de stad, zoals alle andere godsdiensten, zich koest moesten houden tijdens Stalin en het communisme, is er de laatste jaren een merkbare opleving geweest. Ulan Ude is de hoofdstad van de provincie Buryatia, de stad is gelegen in het zuiden van Siberie bij de rivieren Uda en Selenge. Het inwoneraantal is ongeveer 375.000. De stad begon pas te groeien toen de Trans Siberische spoorlijn door de stad werd getrokken. Tegenwoordig draait de economie voornamelijk op het fabriceren van spoorwegonderdelen en het toerisme.
Tjita
Deze stad ligt in zuid oost Siberië vlakbij de Chinees-Mongools-Russische grens en is vooral bekend vanwege haar goudmijnen. De stad is in 1653 gesticht en heeft ongeveer 420.000 inwoners. Pas na 1851 is het een stad van betekenis geworden. Het stratenpatroon doet Amerikaans aan, vierkante blokken met brede straten. Een centrum met nauwe gezellige winkelstraatjes ontbreekt echter.
Blagoveshensk
Dit is een stad bij de Russisch/Chinese grens in het verre oosten van Rusland op 7985 kilometer te oosten van Moskou. Het ligt in de Provincie (Oblast) Amurskaya. Net als in veel steden die liggen in het verre oosten van Rusland zijn veel historische en culturele kunstschatten bewaard gebleven. In de stad wonen ongeveer 240.000 mensen. De industrie wordt gevormd door mijn, scheepsonderdelen, elektro-hardware en textielindustrie. De stad heeft een grote haven, evenals een groot treinstation, luchthaven en busstation.

Khabarovsk
Strategisch gevestigd, op de heuvels die de rivier Amur overzien, werd Khabarovsk opgericht als militaire buitenpost in 1651, tijdens de eerste golf van Russische kolonisatie. Vandaag is het een van de belangrijkste en veelbelovende steden van het Russische Verre Oosten. Khabarovsk is een prettige stad, met brede, boulevards,en populair strand, en een interessant museum van etnografie en lokale geschiedenis.
Deze stad ligt in het verre oosten van Rusland, zo ongeveer 30 kilometer van de Chinese grens. Er wonen ongeveer 630.000 mensen. Het is een vooraanstaande industriestad en ook een spoorwegstad van de Transsiberie express. De industrie wordt voornamelijk gevormd door ijzer en staal, petroleum, motoren, machinebouw en houtproducten. Ook heeft de stad veel hogere onderwijsinstellingen, musea en theaters. De stad werd in 1858 ontdekt, daarna groeide de stad snel toen in 1905 de spoorlijn werd aangelegd.

Kazakstan
De Kazachen waren een islamitisch nomadenvolk van Turkse afkomst, dat zich in de 18e eeuw onderwierp aan het tsaristische Rusland. Na de Russische Revolutie werd voor hen in 1920 de Kirgizische ASSR binnen de Russische Federatie opgericht, die in 1925 werd omgedoopt in Kazachse ASSR en waarvan een jaar later de Kirgizische ASSR werd afgesplitst (de huidige republiek Kirgizië). In 1936 werd Kazachstan een volwaardige unierepubliek (SSR) binnen de Sovjet-Unie.
Onder Jozef Stalin werden de nomadische Kazachen gedwongen zich te vestigen. De gedwongen onderbrenging in kolchozen verdroeg dit nomadenvolk slecht: tussen 1926 en 1939 kwam een kwart van de 4.000.000 Kazachen om het leven. Van elders in de Sovjet-Unie immigreerden, al dan niet vrijwillig, zoveel niet-Kazachen naar het gebied dat de Kazachen allengs tot een minderheid in eigen land dreigden te worden. Vooral in het noorden van het land woonden tenslotte nog maar zeer weinig autochtonen.
Tezelfdertijd groeide Kazachstan, vooral vanwege de op haar grondgebied gelegen Russische lanceerbasis Bajkonoer, in rap tempo uit tot één van de belangrijkste pijlers onder het Russische ruimtevaartprogramma - een positie die het, nu als onafhankelijke buurstaat van Rusland, ook tegenwoordig nog bekleedt, al is Rusland wel bezig met het zoeken naar een geschikte plek voor de vervanging van Bajkonoer op eigen bodem.
Die onafhankelijkheid verkreeg het land in 1991 bij het officieel verlaten van de Sovjet-Unie. In 1997 volgde het noordelijke Aqmola (in de Sovjettijd "Tselinograd" geheten) het excentrisch gelegen en inmiddels (1994) tot Almaty omgedoopte Alma-Ata op als hoofdstad van de nieuwe republiek en zou voortaan Astana (hoofdstad) worden genoemd. De regering-Nazerbajev meende zich zodoende beter teweer te kunnen stellen tegen allengs ontwakende separatistische tendensen in het noorden van het land. Bovendien, zo argumenteerde men verder, zou het door hoge bergen omringde Almaty zich slecht lenen voor toekomstige uitbreiding, was het veel te gevoelig voor aardbevingen en viel het iedere zomer weer ten prooi aan onrustbarend hoge, verstikkende smog-niveaus.
Astana,
Er worden verschillende redenen aangegeven voor de verplaatsing van hoofdstad naar een stad in het centrum van de Kazachse steppe. Sommigen menen dat het doel was om een betere controle te krijgen over het hoofdzakelijk door Russen bewoonde noorden van het land, teneinde eventuele strevingen tot afscheiding te voorkomen. Anderen beweren dat hiermee een strategisch doel beoogd wordt: de hoofdstad te verplaatsen naar een locatie die verder af ligt van de grens met het volkrijkste land ter wereld; Alma-Ata ligt namelijk op slechts 250km van de grens met China. Het besluit tot verplaatsing van de hoofdstad zou ook een symbolische betekenis kunnen hebben, waarbij de stichter der natie (president Nazarbajev) in de voetsporen zou willen treden van Atatürk, die de hoofdstad van Turkije verplaatste naar Ankara.
Sinds de verhuizing zijn er gigantische bouwprojecten van start gegaan in de nieuwe hoofdstad, omdat het niet ontbrak aan inkomsten uit aardolie. Aangelegd worden gebouwen voor de ministeries, een groot presidentieel paleis, vele parken en monumenten. De president van Kazachstan, Noersoeltan Nazarbajev wil klaarblijkelijk van de stad niet alleen het centrum van Kazachstan maken, maar ook dat van heel Centraal-Azië. De architectonische kwaliteit van de nieuwe gebouwen is, naar de mening van bijna alle critici, vrij hoog: de overheersende stijl is een etno-postmodernisme naar het voorbeeld van Albert Speer. Internationaal bekende architecten als Norman Foster en Kisho Kurokawa hebben opdrachten gekregen voor grote projecten.
Mongolië



Mongolië is het dunstbevolkte land ter wereld. Op de oneindige steppe wonen de Mongoliërs al honderden jaren in vilten ger-tenten en leven in een innige relatie met de natuur. De lange winters zijn ijzig koud en de zomers kort maar warm. Dit land van nomadische veehouders werd in 1924 als tweede land ter wereld communistisch, zonder dat er ook maar een proletariër woonde. Na de omwenteling begin jaren negentig heeft Mongolië zijn eerste stappen gezet naar een vrije democratie met markteconomie.
Sakhalin
Sachalin is een langgerekt eiland in het Russische Verre Oosten, gelegen tussen de Zee van Ochotsk en de Japanse Zee. Samen met de Koerilen vormt het eiland de oblast Sachalin, een Russisch gebiedsdeel. De grootste stad van het eiland en hoofdstad van de oblast is Joezjno-Sachalinsk, gelegen in het uiterste zuiden.
Sachalin wordt van het Russische vasteland gescheiden door de Tatarensont, die op zijn smalst 7,3 kilometer meet en in de winter dichtvriest. Het eiland is 948 kilometer lang en 27 tot 170 kilometer breed. De totale oppervlakte van Sachalin bedraagt 76.400 km², waarmee het het grootste tot Rusland behorende eiland is. Bijna twee derde van Sachalin is bergachtig. Twee parallelle bergketens, gescheiden door de Tym-Poronajskaja-vallei, doorkruisen het eiland van noord naar zuid. Het hoogste punt van Sachalin is de berg Lopatina, behorend tot de oostelijke keten, die zich 1609 meter boven de zeespiegel verheft.
De inheemse bevolking van Sachalin wordt gevormd door de Xianbei en de Nanai die vooral leefden van de jacht en de visserij. De Chinese Ming-dynastie kende het eiland als Kuyi en later als Kuye. In 1616 werden er troepen naar het eiland gestuurd, maar deze werden teruggetrokken omdat de Chinese soevereiniteit van het eiland niet bedreigd werd. Een grenspaal uit de Ming-dynastie is nog altijd op Sachalin te vinden.
De Europeanen ontdekten het bestaan van Sachalin door de reizen van Ivan Moskvitin en Maarten Gerritszoon de Vries in de 17e eeuw.
Japan verklaarde Sachalin in 1845 eenzijdig tot Japans grondgebied. Russische kolonisten kwamen echter naar het eiland, vestigden er een bestuur en stichtten er scholen, kerken en gevangenissen. De oorspronkelijke bevolking werd vermoord of gedwongen zich op het Aziatische vasteland te vestigen.
In 1855 tekenden Rusland en Japan het Verdrag van Shimoda, waarin werd bepaald dat het eiland door beide naties bewoond mocht worden: de Russen in het noorden, de Japanners in het zuiden, zonder dat tussen hen een scherpe grens werd vastgesteld. Rusland ontmantelde daarnaast zijn militaire basis bij Ootomari. Na de Opiumoorlog dwong Rusland China tot het tekenen van het Verdrag van Aigun en de Conventie van Peking, waarmee al het gebied ten noorden van de Amoer en ten oosten van de Oessoeri, inclusief Sachalin, aan Rusland viel. In 1857 werd er een strafkolonie op het eiland gesticht, maar tot 1875 stond het zuidelijke deel van Sachalin onder controle van Japan. Met het Verdrag van Sint-Petersburg, die in dat jaar werd gesloten, stonden de Japanners hun deel van het eiland af aan Rusland, in ruil voor de Koerilen. Na de Russisch-Japanse Oorlog tekenden beide landen in 1905 het Verdrag van Portsmouth, waarmee het zuidelijke deel van het eiland (onder de 50e breedtegraad) aan Japan viel. De Russen behielden de overige 3/5 van het gebied. Zuid-Sachalin ging de prefectuur Karafuto vormen, met Toyohara, het huidige Joezjno-Sachalinsk, als hoofdstad.
In augustus 1945 kreeg de Sovjet-Unie het eiland in handen. De aanval op Sachalin begon op 11 augustus. Hoewel de troepen van het Rode Leger driemaal zoveel manschappen telden als die van Japan, verliep de verovering stroef, de Japanners verzetten zich hevig. Pas op 16 augustus brak het Sovjetleger door de Japanse verdediging. Daarna konden de Sovjettroepen steeds makkelijker oprukken, hoewel de gevechten doorgingen tot 21 augustus. De meeste overgebleven Japanse eenheden gaven zich over op 22 en 23 augustus. Met de inname van de hoofdstad Toyohara op 25 augustus 1945 was de verovering van Sachalin een feit.
Bij het Verdrag van San Francisco van 1952 deed Japan afstand van zijn claim over het zuidelijke deel van Sachalin, maar ging het niet akkoord met de Russische beheersing van het eiland. Japan beschouwt de status van Sachalin als onopgelost en op Japanse kaarten wordt het eiland als niemandsland aangeduid. De kwestie is nog altijd een heikel punt in de Japans-Russische betrekkingen.
Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie maakte Sachalin een olie-boom mee. Er bevinden zich naar verwachting 2.700 km³ gas in de bodem en daar wordt flink in geïnvesteerd door olie-multinationals. In 1996 werden twee olie-projecten gestart, Sachalin I (een pijplijn van 219 km) en Sachalin II (een pijplijn van 800 km en de eerste LNG-fabriek in Rusland), waar tientallen miljarden euros in geïnvesteerd zijn. Sachalin III t/m VI bevinden zich in verschillende ontwikkelingsstadia. Alle olie en gas zijn bedoeld voor de export - er blijft niets achter voor de eilandbewoners zelf.
Yuzhno-Sakhalinsk
Is de grootste stad van het eiland Sakhalin in het verre oosten van Rusland met een bevolkingsaantal van 200.000 inwoners.
Japan

Hokkaido
Hokkaido (Hokkai-do) is het meest noordelijke van de vier grote eilanden van Japan. De hoofdstad van Hokkaido is Sapporo. Hokkaido heeft een oppervlakte van 83.456,38 km² en een bevolking van 5.6 miljoen inwoners.
Het op een na grootste eiland van de prefectuur is (volgens de Japanners) Etorofu met 3185,65 km². Dit eiland is tevens het grootste van de niet-grote-vier-eilanden van Japan, en ook het meest noordelijke puntje van Japan bevindt zich op dit eiland. Momenteel wordt het eiland echter bezet door de Russen. Het conflict over het eigendom van dit eiland is nog steeds niet beslist. De Europese Unie drong bij Rusland tevergeefs aan op teruggave van het bezette gebied in 2005. Het gebied dat door de Japanners bij Hokkaido wordt gerekend maar momenteel onder Russisch bestuur staat is roze gekleurd op de kaart.
Een kleine groep van de bewoners van Hokkaido behoort tot de Ainu - oorspronkelijke bewoners van Japan
Sendai

Het grondgebied van Sendai loopt van de Grote Oceaan tot het Ou-gebergte. Het oostelijk deel is een kustvlakte, het stadscentrum is heuvelachtig en het westelijk deel bergachtig. Het hoogste punt in de stad is de berg Futagata met een hoogte van 1.500m boven zeespiegel.
De Hirose-gawa rivier loopt 45 km door de Sendai en is een symbool van de stad. Het komt voor in de tekst van het populaire Liefdeslied van het Aoba kasteel (Aobajo Koiuta). Het kasteel van Senday is aan de rivier gebouwd en gebruikt de rivier als natuurlijke vestinggracht. Tot de bouw van dammen en andere waterwerken in de jaren zestig en zeventig overstroomde de rivier regelmatig. De rivier is bekend door het uitzonderlijk schone water en de natuurlijke schoonheid.
De meeste bergen in Sendai zijn slapende vulkanen, veel ouder dan de vulkanen Zao en Narugo in aangrenzende gemeentes. In de stad worden echter veel onsen aangetroffen, wat wijst op hydrothermale activiteit. De Miyagi Oki aardbeving voor de kust van Sendai is een fenomeen dat elke 25 tot 40 jaar voorkomt. De aardbeving van 16 augustus 2005 had een epicentrum vlak bij het Miyagi Oki gebied. Het 'Hoofdkantoor voor de promotie van aardbevingsonderzoek' stelde vast dat de aardbeving in 2005 niet de Miyagi Oki aardbeving was omdat de aardbeving te klein was en het epicentrum lag verkeerd.
Drie definities van Tokio


Voor veel westerlingen is het onbekend dat er geen stad Tokio bestaat. De stad Tokio (Tokyo-shi) hield als bestuurlijke eenheid op te bestaan in 1943. Tokio heeft in het westen momenteel drie verschillende definities, die in het Japans allen verschillende namen hebben.
1. De metropool Tokio of de prefectuur Tokio (Tokyo-to), bevat naast de 23 speciale wijken, die elk het statuut van stad hebben, nog verschillende andere steden, gemeenten, dorpen en zelfs verschillende eilanden in de Grote Oceaan. In de prefectuur wonen bijna 13 miljoen mensen. Het bestaat uit de 23 centraal gelegen wijken van Tokio, 26 grote en 5 kleine steden en uit 8 dorpen. Ten zuiden van Tokio liggen nog de Ogasawara- en Izu-eilanden, die bestuurlijk gezien ook tot dit gebied behoren.
2. De 23 speciale wijken van Tokio (23,Nijusan-ku) bevinden zich op het grondgebied van de voormalige stad stad Tokio (Tokyo-shi). Zij vormen het kerngebied. Elke wijk vormt administratief gezien een eigen gemeente. Op 1 april 2000 verschafte het Japanse Parlement hen het statuut van lokale publieke entiteiten (chiho-kokyo-dantai), een statuut dat gelijk is aan dat van een stad. Sindsdien noemen de wijken zichzelf in het Engels "stad" (City Shinjuku, Shibuya City) in plaats van wijk, hoewel de "ku" (oftewel wijk) in hun Japanse naam onveranderd is gebleven. In totaal wonen hier circa 9 miljoen mensen.
3. De agglomeratie-Tokio of Groot-Tokio (Shuto-ken,Hoofdstedelijke regio ), bestaat uit de Japanse prefecturen Chiba, Kanagawa, Saitama, en Tokio (hiertoe behoren ook de miljoenensteden Yokohama en Kawasaki). Groot-Tokio is de grootste metropool ter wereld en telt zo'n 36,5 miljoen inwoners (census 2006).
Met dank aan onder andere Wikipedia...

Amsterdam verschijnt voor het eerst in de geschreven geschiedenis in 1275 als graaf Floris V de mensen die bij de dam in de Amstel wonen, vrije vaart verleent over de Hollandse wateren. De verlening van dit "tolprivilege" was een zet in een jarenlange strijd om de macht in het gebied. Het Amstelland, behoorde namelijk tot het bisdom Utrecht. Namens de bisschop werd de streek bestuurd door de heren van Amstel.
De Amsterdamse economie dreef op bier en haring. De stad verwierf in 1323 het alleenrecht op de invoer van bier uit Hamburg. De stad kreeg hierdoor een belangrijk handelsmonopolie in Holland.
In 1579 vielen de Nederlanden definitief uiteen in de Unies van Utrecht en Atrecht. De Unie van Utrecht, waarvan zeven gewesten deel uitmaakten, bleef in oorlog met de Spaanse koning. In 1648 sloten zij uiteindelijk de vrede van Munster. Hiermee kwam een eind aan de tachtigjarige oorlog. De zeven gewesten, die het begin waren van het tegenwoordige Nederland, werden De Republiek genoemd.
Vanuit Amsterdam werden de eerste tochten naar Indië ondernomen. Deze waren een gigantisch succes. Ze leverden de aandeelhouders maar liefst vierhonderd procent winst op. Aangespoord door deze resultaten maakte men overal in het land aanstalten om schepen naar Indië te sturen. In1602 ontstond uit al die versnipperde initiatieven de Verenigde Oost-Indische Compagnie, de VOC. Amsterdam nam meer dan de helft van het kapitaal in de nieuwe onderneming voor zijn rekening.
In de zeventiende eeuw realiseerde Amsterdam twee reusachtige stadsuitbreidingen. De beroemde grachtengordel en de Jordaan maakten hiervan deel uit. Voor het eerst werd niet alleen gelet op functionaliteit maar ook op de schoonheid van de stadsaanleg. Verschillende nieuwe, protestantse kerken verrezen, zoals de Zuiderkerk, de Noorderkerk en de Westerkerk. Ook kreeg Amsterdam een nieuw stadhuis, passend bij de belangrijke positie die de stad nationaal en internationaal innam.
De woningwet van 1901 moest een eind maken aan de miserabele woonomstandigheden van veel mensen. Het werd mogelijk slechte woningen te onteigenen en te slopen. Ook stelde de wet minimumeisen aan nieuw te bouwen huizen. Door subsidiemogelijkheden ontstonden veel woningbouwverenigingen in Amsterdam die een grote rol gingen spelen in het huisvestingsbeleid. Andere stadsuitbreidingen kregen hun beslag. Schilderachtige tuindorpen ontstonden. De Amsterdamse school, een idealistische architectuurrichting, bouwde verschillende wijken met sociale woningbouw rondom de oude stad. Hierbij werd veel aandacht besteed aan het uiterlijk van de woningen. Amsterdam werd verder uitgebreid met het kleine vliegveld Schiphol en aan de zuidwest kant van de stad werd een 900 hectare groot bos aangelegd. Werkloosheid teisterde in die jaren de arbeidersbevolking. In 1934 leidde een verlaging van de werklozensteun tot ordeverstoringen in diverse arbeiderswijken.
De Tweede Wereldoorlog veroorzaakte weinig materiële schade in Amsterdam. Maar de Hongerwinter eiste vele levens en als gevolg van de Jodenvervolgingen verloor de stad tien procent van haar inwoners.
Het gemeentebestuur protesteerde niet tegen de verwijdering van joodse en communistische leden. Bovendien toonden de ambtelijke diensten zich volgzaam tegenover de bezetter. De Jodenvervolging heeft ook Amsterdam zwaar getroffen. De eerste razzia's vonden plaats op 22 februari 1941 op het Waterlooplein. Het antwoord van de Amsterdamse bevolking was de Februaristaking op 25 en 26 februari. Het was uniek dat de niet-joodse bevolking het opnam voor haar joodse medebewoners. Toch begonnen in juli 1942 de stelselmatige deportaties. De joden werden bijeengebracht in de Hollandse Schouwburg en werden vandaar naar Westerbork gebracht om naar Duitse concentratiekampen te worden vervoerd.
Na de oorlog stond de stad voor de taak haar twee belangrijkste welvaartsbronnen, de haven en Schiphol te herstellen. De achterstand in de woningbouw moest worden weggewerkt en de stad moest worden aangepast aan het moderne verkeer. Schiphol groeide snel. In 1993 stond het nummer vijf op de ranglijst van Europese luchthavens. Deze ontwikkeling was niet zonder gevaren en nadelen voor de nabijgelegen stad. De Amsterdamse toegang tot zee- en Rijnhaven werd zorgvuldig onderhouden. De havenmond, de kanalen en de sluizen werden regelmatig vergroot en verbeterd. Door de dekolonisatie van Indonesië verloor Amsterdam zijn functie als stapelmarkt voor tropische producten. In plaats daarvan schakelde de haven over op doorvoerproducten als graan en Japanse auto's. Na een periode van rivaliteit met de haven van Rotterdam, bleef Amsterdam naast deze reus een middelgrote haven die gespecialiseerde diensten aanbiedt.
De jaren '80 en '90 staan in het teken van de stadsvernieuwing en het herstel van de Amsterdamse economie. De oude stad behoudt haar woonfunctie, maar ook het bedrijfsleven krijgt weer volop ontwikkelingsmogelijkheden. De Amsterdamse haven en de luchthaven Schiphol verschaffen de stad opnieuw een centrale positie in het Europese vervoersnetwerk.
Dresden (Duitsland)
In de nacht van 13 op 14 februari 1945 werd Dresden verwoest door een Brits bombardement. Ruim 25.000 burgers kwamen om en 75.000 woningen verdwenen van de kaart. De extreem hete vlammenzee veroorzaakte een vuurstorm die mensen de vlammen inzoog. Historici zijn het niet eens over de aard van het bombardement. Ging het om wraak of om een zinloze aanval op burgerdoelen, zoals de Duitse historicus Jörg Friedrich in zijn 'Der Brand' beschrijft? Of was Dresden een strategisch doelwit waarbij enkel een bombardement de Tweede Wereldoorlog kon beëindigen, zoals de Brit Frederick Taylor suggereert in 'Dresden, dinsdag 13 februari 1945'? Of was het bombardement een product van een dolgedraaide militaire bureaucratie, in de zin van 'wat zullen we vandaag eens doen' zoals Kurt Vonnegut, een Amerikaan die als krijgsgevangene het bombardement meemaakte, in ‘Slaughterhouse 5’ schreef?
Na de Tweede Wereldoorlog wilden de communistische autoriteiten Dresden ombouwen tot een socialistische metropool. Dat hield in dat bijna alle ruïnes in het stadscentrum werden opgeruimd. Historisch waardevolle gebouwen werden gesloopt, ondanks sommige protesten, zoals de Sophienkirche die in 1962 werd afgebroken. Een paar historische gebouwen werden herbouwd zoals de Zwinger en de Semperopera. De ruïnes van de Frauenkirche bleven staan als een monument.
Inmiddels is het centrum van Dresden in oude glorie hersteld
Praag (Tsjechië)

Net als andere Europese steden groeide Praag in de 19e eeuw snel door de Industriële revolutie. Economisch en cultureel gezien maakte Praag in de tweede helft van de 19e eeuw een stormachtige ontwikkeling door.
Op 28 oktober 1918 werd de zelfstandigheid van Tsjecho-Slowakije uitgeroepen, met Praag als hoofdstad. Enkele jaren later, in 1922, werd Groot Praag gecreëerd, toen de stad werd samengevoegd met een groot aantal van haar buitenwijken en voorsteden. Enkele van de grootste steden die werden toegevoegd zijn Smíchov, Brevnov en Vinohrady, nu allen wijken van Praag.
Op 15 maart 1939 vielen Duitse troepen Tsjecho-Slowakije binnen. Praag werd de hoofdstad van het Protectoraat Bohemen en Moravië. Emil Hacha, die al president van Tsjecho-Slowakije was, bleef tot 1945 president van het protectoraat onder Duits toezicht. Tot dat jaar bleef Praag bezet door de Duitsers. In de Tweede Wereldoorlog werd de stad nauwelijks vernietigd, doordat ze lange tijd buiten het bereik van de geallieerde luchtmacht viel.
Op 5 mei 1945 werden de inwoners van Praag via de radio tot opstand opgeroepen. Op diezelfde dag was het leger van de Amerikaanse generaal Patton aangekomen in Pilsen (slechts enkele uren verwijderd van Praag), terwijl het Sovjetleger van maarschalk Konev bij de grens van Moravië was. Generaal Patton was een voorstander van het bevrijden van Praag, maar de instructies van generaal Eisenhower waren anders. Eisenhower had gevraagd aan de Sovjetleiding om hem toestemming te geven op te rukken naar Praag, maar hem werd gezegd dat Amerikaanse hulp niet nodig was. Op de Conferentie van Jalta was afgesproken dat het Rode Leger Bohemen zou bevrijden, dus zo geschiedde. Op 9 mei 1945 werd Praag uiteindelijk bereikt door het Sovjetleger. Tijdens de Duitse bezetting vonden 270.000 inwoners van Tsjecho-Slowakije de dood. Op een synagoge in Praag is een inscriptie van de namen van de joden die in Tsjecho-Slowakije de dood vonden.
Na de oorlog werd de Duitse bevolking van Praag verdreven, voor zover zij nog niet waren gevlucht. Praag was nu weer de hoofdstad van Tsjecho-Slowakije geworden. Met de staatsgreep van 25 februari 1948 greep de Communistische Partij van Tsjecho-Slowakije de politieke macht. Er volgde een tijd van onderdrukking, die pas in de jaren 60 enigszins gematigd werd. 1968 was het jaar van de Praagse Lente, maar in augustus van dat jaar werd deze vreedzame matigingspoging hard neergeslagen door de Sovjet-Unie, Polen, Hongarije en Bulgarije, vier partners uit het Warschaupact. Het bekendste protest tegen de Sovjetbezetting is de symbolische zelfverbranding van Jan Palach op 16 januari 1969.
In 1989, nadat de Berlijnse Muur was gevallen en de Fluwelen Revolutie had plaatsgevonden, werd Tsjecho-Slowakije in 1989 bevrijd van communistische invloeden. Praag profiteerde enorm van de nieuwe situatie, wat een sterke economische groei tot gevolg had.
Szczyrks (Polen)

Szczyrk is een plaatsje in de Beskid Slaski Bergen in het zuiden van Polen. Gelegen in de vallei waar ook de rivier Zylica stroomt. Szczyrks heeft ruim 5.800 inwoners en is een populair ski-oord. Tevens is het de belangrijkste trainingsplaats voor de Poolse Olympische winterselectie. In 2009 vond het skischansspringen van de de jeugd olympische spelen in Szczyrks plaats. Szczyrks wordt omringt door twee bergketens grenzend aan de plaats Wisla, ook een moderne wintersportplaats in Polen
Oekraïne

L’viv
L’viv werd gesticht rond 1250, er woonden Polen en Roethenen (Oekraïeners), maar ook Duitsers, Joden en Armeniërs.
In 1772 kwam L’viv bij de Eerste Poolse Deling aan Oostenrijk. In 1918 viel Oostenrijk-Hongarije uiteen. De stad werd uitgeroepen tot hoofdstad van het onafhankelijke West-Oekraïne, maar uiteindelijk werd L’viv weer Pools. Ook in Polen was L’viv een metropool: er woonden toen 318.000 mensen (1939). Een derde daarvan was joods, ongeveer 60% Pools. L’viv bleef Pools totdat sovjettroepen de stad in september 1939 binnenvielen. Van 1941 tot 1944 bezetten de Duitsers de stad.
De Tweede Wereldoorlog verliep dan ook rampzalig voor de stad: de nazi's deporteerden en vermoordden het overgrote deel van de joodse inwoners. De uiteindelijke overwinnaar, de Sovjet-Unie, annexeerde in 1945 de oostelijke strook van Polen, waaronder ook L’viv. De meeste Poolse inwoners belandden honderden kilometers westelijker, in gebieden die Polen van Duitsland toegewezen kreeg. In hun plaats kwamen Oekraïense en Russische immigranten. De stad kwam achter het IJzeren Gordijn te liggen en was veel van haar inwoners, haar geheugen en haar contact met de rest van Europa kwijt.
Aan het eind van de jaren 80 was L’viv wederom het centrum van de Oekraïense nationale beweging, een rol die de stad tot op vandaag is blijven spelen.?Sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie ligt de stad in de republiek Oekraïne.?

Kiev
Kiev ontstond aan de rivier de Dnjepr, op de handelsroute tussen Scandinavië en Constantinopel. Wanneer de stad gesticht is, is onduidelijk.
Kiev beleefde zijn bloeitijd tussen 882 en 1169, toen het de hoofdstad van het Oost-Slavische Kievse Rijk was.
In 1240 werd Kiev, dat met zijn ruim 30.000 inwoners toen een van de grootste steden van Europa was, door de Mongolen verwoest. De volgende zes eeuwen was Kiev niet meer dan een provinciestad in het Pools-Litouwse Gemenebest en het Russische Rijk. In de 19e eeuw begon de stad weer te groeien; omstreeks 1900 had zij 250.000 inwoners.
In de verwarde situatie na de Eerste Wereldoorlog werd Kiev herhaaldelijk veroverd door de verschillende strijdende partijen: Oekraïense nationalisten, Polen, de anti-communistische Russische generaal Denikin en de bolsjewieken. De uiteindelijke overwinning van deze laatsten had tot gevolg dat Kiev en Oekraïne voor ongeveer 70 jaar een deel van de Sovjet-Unie zouden worden (tot deze in 1991 opgeheven werd).
In 1941 werd Kiev veroverd door Nazi-Duitsland. 33.000 joodse inwoners van de stad werden kort daarop vermoord in het ravijn Babi Jar, dat destijds nog buiten de stadsgrenzen van Kiev lag.
In november/december 2004 was Kiev het toneel van felle protestdemonstraties van aanhangers van Viktor Joesjtsjenko tegen de vervalsing van de verkiezingsuitslag door aanhangers van Viktor Janoekovytsj, die uiteindelijk leidden tot de verkiezing van eerstgenoemde tot president.
Luhans’k
In Luhans’k zullen weinigen van ons hun hart verliezen. Deze grauwe industriestad in het oosten van de Oekraïne is weinig verheffend en staat in schril contrast met L’viv en Kiev.
Rusland

Wolgograd, Volgograd, Stalingrad
Is een stad op de westelijke oever van de rivier de Volga in de provincie Volgograd. Het telt ongeveer 1 miljoen inwoners.
De stad is beter bekend onder de naam Stalingrad die de stad droeg van 1925 tot 1961. Oorspronkelijk was het een versterking en een fort aan de Volga dat als zuidelijke verdedigingspost diende. Tijdens de Russische burgeroorlog speelde Stalin een hoofdrol in de gevechten rond deze stad. Daarom werd de stad in 1925 naar hem vernoemd. Volgograd werd wereldberoemd onder de naam Stalingrad omwille van de Slag om Stalingrad die daar uitgevochten werd, en die gewonnen werd door de Russen. Stalingrad werd Volgograd in 1961. Tegenwoordig is het een economisch centrum van Zuid Rusland met veel industrie.
Saratov
Is de hoofdstad van de provincie Saratov in zuidelijk Europees Rusland aan de rivier de Wolga. De stad is het industrieel en commercieel centrum van de omgeving. De stad is gesticht in 1590. De naam van de stad is afkomstig uit het Tartaars Sary-Tau dit betekent de gele berg. Het inwoneraantal is ongeveer 900.000. Heden ten dagen heeft deze stad alles wat men van een moderne stad verwacht, de handel is levendig en de mensen beginnen hun levensstandaard te verbeteren. Tevens heeft deze stad een van de langste bruggen van Europa namelijk een met een lengte van 4.5 km.
Samara
Is de hoofdstad van de provincie Samara in het westen van Centraal-Rusland aan de rivier de Wolga. De stad heeft een inwoneraantal van ongeveer 1.2 miljoen. Het is de stad van de vliegtuigfabrieken en auto-industrie.
De stad is tot 1991 verboden gebied voor buitenlanders geweest. Dit net als vele andere Sovjet steden. De stad heette tijdens het sovjet regime Kuibyschew, naar de Russische generaal, die in de Tweede wereldoorlog gevangen werd genomen door de fascisten. De militair hield zijn mond dicht tijdens zijn gevangenschap. Dit ondanks dat hij tijdens zijn gevangenschap in ijzige kou, midden in de winter met koud water overgoten werd. Aan de gevolgen van deze actie overleed hij later. Aldus werd het stilzwijgen van hem als een patriottische daad van de hoogste orde gezien. De stad is gesticht in 1586 als een fort en werd in 1688 een stad en de hoofdstad van de provincie in 1851.
Barnaul
De stad ligt aan de rivier de Ob, de langste van het land. De grens met Kazachstan ligt ongeveer 100 kilometer ten westen van de stad. Barnaul is een van de oudste steden van Siberië. De stad werd in 1730 gesticht als Kozakkenfort en werd een jaar later een 'echte' stad. De stad werd groot ondermeer dankzij de mijnbouw: in en rond de stad werd zeer veel zilver gewonnen. Vanaf het begin van de twintigste eeuw werd Barnaul ook belangrijk als handelscentrum. In 1902 werd een handelsroute door het Altaigebergte naar Mongolië geopend. In 1915 kreeg de economie nog een impuls toen de stad werd aangesloten op het spoorwegnet en zo een verbinding kreeg met de Transsiberische spoorweg. In 1917 werd een groot deel van de stad verwoest door een enorme brand. Na de brand werd de stad opgebouwd als 'tuinstad' met veel groenvoorzieningen. In de communistische tijd groeide de stad zeer snel.
Barnaul kent veel inwoners van Duitse komaf, ongeveer 10 % van de bevolking. De oorsprong hiervan dateert al uit de tijden van Catharina de Grote, toen mensen uit Duitsland werden aangetrokken om zich in deze regio te vestigen. Veel later, tijdens de Stalinistische periode werden veel Russische Duitsers gedwongen zich in deze regio te vestigen. Door dit feit heeft Barnaul nog een bijzondere band met Duitsland. Dit is zelfs in het straatbeeld te merken: de stadsbussen van Barnaul zijn allemaal tweedehands uit Duitsland overgenomen.
Ulan Ude
Net als de meeste Siberische steden, werd Ulan Ude opgericht tijdens de 17de eeuw. Hoewel de Boeddhistische traditie van de stad, zoals alle andere godsdiensten, zich koest moesten houden tijdens Stalin en het communisme, is er de laatste jaren een merkbare opleving geweest. Ulan Ude is de hoofdstad van de provincie Buryatia, de stad is gelegen in het zuiden van Siberie bij de rivieren Uda en Selenge. Het inwoneraantal is ongeveer 375.000. De stad begon pas te groeien toen de Trans Siberische spoorlijn door de stad werd getrokken. Tegenwoordig draait de economie voornamelijk op het fabriceren van spoorwegonderdelen en het toerisme.
Tjita
Deze stad ligt in zuid oost Siberië vlakbij de Chinees-Mongools-Russische grens en is vooral bekend vanwege haar goudmijnen. De stad is in 1653 gesticht en heeft ongeveer 420.000 inwoners. Pas na 1851 is het een stad van betekenis geworden. Het stratenpatroon doet Amerikaans aan, vierkante blokken met brede straten. Een centrum met nauwe gezellige winkelstraatjes ontbreekt echter.
Blagoveshensk
Dit is een stad bij de Russisch/Chinese grens in het verre oosten van Rusland op 7985 kilometer te oosten van Moskou. Het ligt in de Provincie (Oblast) Amurskaya. Net als in veel steden die liggen in het verre oosten van Rusland zijn veel historische en culturele kunstschatten bewaard gebleven. In de stad wonen ongeveer 240.000 mensen. De industrie wordt gevormd door mijn, scheepsonderdelen, elektro-hardware en textielindustrie. De stad heeft een grote haven, evenals een groot treinstation, luchthaven en busstation.

Khabarovsk
Strategisch gevestigd, op de heuvels die de rivier Amur overzien, werd Khabarovsk opgericht als militaire buitenpost in 1651, tijdens de eerste golf van Russische kolonisatie. Vandaag is het een van de belangrijkste en veelbelovende steden van het Russische Verre Oosten. Khabarovsk is een prettige stad, met brede, boulevards,en populair strand, en een interessant museum van etnografie en lokale geschiedenis.
Deze stad ligt in het verre oosten van Rusland, zo ongeveer 30 kilometer van de Chinese grens. Er wonen ongeveer 630.000 mensen. Het is een vooraanstaande industriestad en ook een spoorwegstad van de Transsiberie express. De industrie wordt voornamelijk gevormd door ijzer en staal, petroleum, motoren, machinebouw en houtproducten. Ook heeft de stad veel hogere onderwijsinstellingen, musea en theaters. De stad werd in 1858 ontdekt, daarna groeide de stad snel toen in 1905 de spoorlijn werd aangelegd.

Kazakstan
De Kazachen waren een islamitisch nomadenvolk van Turkse afkomst, dat zich in de 18e eeuw onderwierp aan het tsaristische Rusland. Na de Russische Revolutie werd voor hen in 1920 de Kirgizische ASSR binnen de Russische Federatie opgericht, die in 1925 werd omgedoopt in Kazachse ASSR en waarvan een jaar later de Kirgizische ASSR werd afgesplitst (de huidige republiek Kirgizië). In 1936 werd Kazachstan een volwaardige unierepubliek (SSR) binnen de Sovjet-Unie.
Onder Jozef Stalin werden de nomadische Kazachen gedwongen zich te vestigen. De gedwongen onderbrenging in kolchozen verdroeg dit nomadenvolk slecht: tussen 1926 en 1939 kwam een kwart van de 4.000.000 Kazachen om het leven. Van elders in de Sovjet-Unie immigreerden, al dan niet vrijwillig, zoveel niet-Kazachen naar het gebied dat de Kazachen allengs tot een minderheid in eigen land dreigden te worden. Vooral in het noorden van het land woonden tenslotte nog maar zeer weinig autochtonen.
Tezelfdertijd groeide Kazachstan, vooral vanwege de op haar grondgebied gelegen Russische lanceerbasis Bajkonoer, in rap tempo uit tot één van de belangrijkste pijlers onder het Russische ruimtevaartprogramma - een positie die het, nu als onafhankelijke buurstaat van Rusland, ook tegenwoordig nog bekleedt, al is Rusland wel bezig met het zoeken naar een geschikte plek voor de vervanging van Bajkonoer op eigen bodem.
Die onafhankelijkheid verkreeg het land in 1991 bij het officieel verlaten van de Sovjet-Unie. In 1997 volgde het noordelijke Aqmola (in de Sovjettijd "Tselinograd" geheten) het excentrisch gelegen en inmiddels (1994) tot Almaty omgedoopte Alma-Ata op als hoofdstad van de nieuwe republiek en zou voortaan Astana (hoofdstad) worden genoemd. De regering-Nazerbajev meende zich zodoende beter teweer te kunnen stellen tegen allengs ontwakende separatistische tendensen in het noorden van het land. Bovendien, zo argumenteerde men verder, zou het door hoge bergen omringde Almaty zich slecht lenen voor toekomstige uitbreiding, was het veel te gevoelig voor aardbevingen en viel het iedere zomer weer ten prooi aan onrustbarend hoge, verstikkende smog-niveaus.
Astana,
Er worden verschillende redenen aangegeven voor de verplaatsing van hoofdstad naar een stad in het centrum van de Kazachse steppe. Sommigen menen dat het doel was om een betere controle te krijgen over het hoofdzakelijk door Russen bewoonde noorden van het land, teneinde eventuele strevingen tot afscheiding te voorkomen. Anderen beweren dat hiermee een strategisch doel beoogd wordt: de hoofdstad te verplaatsen naar een locatie die verder af ligt van de grens met het volkrijkste land ter wereld; Alma-Ata ligt namelijk op slechts 250km van de grens met China. Het besluit tot verplaatsing van de hoofdstad zou ook een symbolische betekenis kunnen hebben, waarbij de stichter der natie (president Nazarbajev) in de voetsporen zou willen treden van Atatürk, die de hoofdstad van Turkije verplaatste naar Ankara.
Sinds de verhuizing zijn er gigantische bouwprojecten van start gegaan in de nieuwe hoofdstad, omdat het niet ontbrak aan inkomsten uit aardolie. Aangelegd worden gebouwen voor de ministeries, een groot presidentieel paleis, vele parken en monumenten. De president van Kazachstan, Noersoeltan Nazarbajev wil klaarblijkelijk van de stad niet alleen het centrum van Kazachstan maken, maar ook dat van heel Centraal-Azië. De architectonische kwaliteit van de nieuwe gebouwen is, naar de mening van bijna alle critici, vrij hoog: de overheersende stijl is een etno-postmodernisme naar het voorbeeld van Albert Speer. Internationaal bekende architecten als Norman Foster en Kisho Kurokawa hebben opdrachten gekregen voor grote projecten.
Mongolië



Mongolië is het dunstbevolkte land ter wereld. Op de oneindige steppe wonen de Mongoliërs al honderden jaren in vilten ger-tenten en leven in een innige relatie met de natuur. De lange winters zijn ijzig koud en de zomers kort maar warm. Dit land van nomadische veehouders werd in 1924 als tweede land ter wereld communistisch, zonder dat er ook maar een proletariër woonde. Na de omwenteling begin jaren negentig heeft Mongolië zijn eerste stappen gezet naar een vrije democratie met markteconomie.
Sakhalin
Sachalin is een langgerekt eiland in het Russische Verre Oosten, gelegen tussen de Zee van Ochotsk en de Japanse Zee. Samen met de Koerilen vormt het eiland de oblast Sachalin, een Russisch gebiedsdeel. De grootste stad van het eiland en hoofdstad van de oblast is Joezjno-Sachalinsk, gelegen in het uiterste zuiden.
Sachalin wordt van het Russische vasteland gescheiden door de Tatarensont, die op zijn smalst 7,3 kilometer meet en in de winter dichtvriest. Het eiland is 948 kilometer lang en 27 tot 170 kilometer breed. De totale oppervlakte van Sachalin bedraagt 76.400 km², waarmee het het grootste tot Rusland behorende eiland is. Bijna twee derde van Sachalin is bergachtig. Twee parallelle bergketens, gescheiden door de Tym-Poronajskaja-vallei, doorkruisen het eiland van noord naar zuid. Het hoogste punt van Sachalin is de berg Lopatina, behorend tot de oostelijke keten, die zich 1609 meter boven de zeespiegel verheft.
De inheemse bevolking van Sachalin wordt gevormd door de Xianbei en de Nanai die vooral leefden van de jacht en de visserij. De Chinese Ming-dynastie kende het eiland als Kuyi en later als Kuye. In 1616 werden er troepen naar het eiland gestuurd, maar deze werden teruggetrokken omdat de Chinese soevereiniteit van het eiland niet bedreigd werd. Een grenspaal uit de Ming-dynastie is nog altijd op Sachalin te vinden.
De Europeanen ontdekten het bestaan van Sachalin door de reizen van Ivan Moskvitin en Maarten Gerritszoon de Vries in de 17e eeuw.
Japan verklaarde Sachalin in 1845 eenzijdig tot Japans grondgebied. Russische kolonisten kwamen echter naar het eiland, vestigden er een bestuur en stichtten er scholen, kerken en gevangenissen. De oorspronkelijke bevolking werd vermoord of gedwongen zich op het Aziatische vasteland te vestigen.
In 1855 tekenden Rusland en Japan het Verdrag van Shimoda, waarin werd bepaald dat het eiland door beide naties bewoond mocht worden: de Russen in het noorden, de Japanners in het zuiden, zonder dat tussen hen een scherpe grens werd vastgesteld. Rusland ontmantelde daarnaast zijn militaire basis bij Ootomari. Na de Opiumoorlog dwong Rusland China tot het tekenen van het Verdrag van Aigun en de Conventie van Peking, waarmee al het gebied ten noorden van de Amoer en ten oosten van de Oessoeri, inclusief Sachalin, aan Rusland viel. In 1857 werd er een strafkolonie op het eiland gesticht, maar tot 1875 stond het zuidelijke deel van Sachalin onder controle van Japan. Met het Verdrag van Sint-Petersburg, die in dat jaar werd gesloten, stonden de Japanners hun deel van het eiland af aan Rusland, in ruil voor de Koerilen. Na de Russisch-Japanse Oorlog tekenden beide landen in 1905 het Verdrag van Portsmouth, waarmee het zuidelijke deel van het eiland (onder de 50e breedtegraad) aan Japan viel. De Russen behielden de overige 3/5 van het gebied. Zuid-Sachalin ging de prefectuur Karafuto vormen, met Toyohara, het huidige Joezjno-Sachalinsk, als hoofdstad.
In augustus 1945 kreeg de Sovjet-Unie het eiland in handen. De aanval op Sachalin begon op 11 augustus. Hoewel de troepen van het Rode Leger driemaal zoveel manschappen telden als die van Japan, verliep de verovering stroef, de Japanners verzetten zich hevig. Pas op 16 augustus brak het Sovjetleger door de Japanse verdediging. Daarna konden de Sovjettroepen steeds makkelijker oprukken, hoewel de gevechten doorgingen tot 21 augustus. De meeste overgebleven Japanse eenheden gaven zich over op 22 en 23 augustus. Met de inname van de hoofdstad Toyohara op 25 augustus 1945 was de verovering van Sachalin een feit.
Bij het Verdrag van San Francisco van 1952 deed Japan afstand van zijn claim over het zuidelijke deel van Sachalin, maar ging het niet akkoord met de Russische beheersing van het eiland. Japan beschouwt de status van Sachalin als onopgelost en op Japanse kaarten wordt het eiland als niemandsland aangeduid. De kwestie is nog altijd een heikel punt in de Japans-Russische betrekkingen.
Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie maakte Sachalin een olie-boom mee. Er bevinden zich naar verwachting 2.700 km³ gas in de bodem en daar wordt flink in geïnvesteerd door olie-multinationals. In 1996 werden twee olie-projecten gestart, Sachalin I (een pijplijn van 219 km) en Sachalin II (een pijplijn van 800 km en de eerste LNG-fabriek in Rusland), waar tientallen miljarden euros in geïnvesteerd zijn. Sachalin III t/m VI bevinden zich in verschillende ontwikkelingsstadia. Alle olie en gas zijn bedoeld voor de export - er blijft niets achter voor de eilandbewoners zelf.
Yuzhno-Sakhalinsk
Is de grootste stad van het eiland Sakhalin in het verre oosten van Rusland met een bevolkingsaantal van 200.000 inwoners.
Japan

Hokkaido
Hokkaido (Hokkai-do) is het meest noordelijke van de vier grote eilanden van Japan. De hoofdstad van Hokkaido is Sapporo. Hokkaido heeft een oppervlakte van 83.456,38 km² en een bevolking van 5.6 miljoen inwoners.
Het op een na grootste eiland van de prefectuur is (volgens de Japanners) Etorofu met 3185,65 km². Dit eiland is tevens het grootste van de niet-grote-vier-eilanden van Japan, en ook het meest noordelijke puntje van Japan bevindt zich op dit eiland. Momenteel wordt het eiland echter bezet door de Russen. Het conflict over het eigendom van dit eiland is nog steeds niet beslist. De Europese Unie drong bij Rusland tevergeefs aan op teruggave van het bezette gebied in 2005. Het gebied dat door de Japanners bij Hokkaido wordt gerekend maar momenteel onder Russisch bestuur staat is roze gekleurd op de kaart.
Een kleine groep van de bewoners van Hokkaido behoort tot de Ainu - oorspronkelijke bewoners van Japan
Sendai

Het grondgebied van Sendai loopt van de Grote Oceaan tot het Ou-gebergte. Het oostelijk deel is een kustvlakte, het stadscentrum is heuvelachtig en het westelijk deel bergachtig. Het hoogste punt in de stad is de berg Futagata met een hoogte van 1.500m boven zeespiegel.
De Hirose-gawa rivier loopt 45 km door de Sendai en is een symbool van de stad. Het komt voor in de tekst van het populaire Liefdeslied van het Aoba kasteel (Aobajo Koiuta). Het kasteel van Senday is aan de rivier gebouwd en gebruikt de rivier als natuurlijke vestinggracht. Tot de bouw van dammen en andere waterwerken in de jaren zestig en zeventig overstroomde de rivier regelmatig. De rivier is bekend door het uitzonderlijk schone water en de natuurlijke schoonheid.
De meeste bergen in Sendai zijn slapende vulkanen, veel ouder dan de vulkanen Zao en Narugo in aangrenzende gemeentes. In de stad worden echter veel onsen aangetroffen, wat wijst op hydrothermale activiteit. De Miyagi Oki aardbeving voor de kust van Sendai is een fenomeen dat elke 25 tot 40 jaar voorkomt. De aardbeving van 16 augustus 2005 had een epicentrum vlak bij het Miyagi Oki gebied. Het 'Hoofdkantoor voor de promotie van aardbevingsonderzoek' stelde vast dat de aardbeving in 2005 niet de Miyagi Oki aardbeving was omdat de aardbeving te klein was en het epicentrum lag verkeerd.
Drie definities van Tokio


Voor veel westerlingen is het onbekend dat er geen stad Tokio bestaat. De stad Tokio (Tokyo-shi) hield als bestuurlijke eenheid op te bestaan in 1943. Tokio heeft in het westen momenteel drie verschillende definities, die in het Japans allen verschillende namen hebben.
1. De metropool Tokio of de prefectuur Tokio (Tokyo-to), bevat naast de 23 speciale wijken, die elk het statuut van stad hebben, nog verschillende andere steden, gemeenten, dorpen en zelfs verschillende eilanden in de Grote Oceaan. In de prefectuur wonen bijna 13 miljoen mensen. Het bestaat uit de 23 centraal gelegen wijken van Tokio, 26 grote en 5 kleine steden en uit 8 dorpen. Ten zuiden van Tokio liggen nog de Ogasawara- en Izu-eilanden, die bestuurlijk gezien ook tot dit gebied behoren.
2. De 23 speciale wijken van Tokio (23,Nijusan-ku) bevinden zich op het grondgebied van de voormalige stad stad Tokio (Tokyo-shi). Zij vormen het kerngebied. Elke wijk vormt administratief gezien een eigen gemeente. Op 1 april 2000 verschafte het Japanse Parlement hen het statuut van lokale publieke entiteiten (chiho-kokyo-dantai), een statuut dat gelijk is aan dat van een stad. Sindsdien noemen de wijken zichzelf in het Engels "stad" (City Shinjuku, Shibuya City) in plaats van wijk, hoewel de "ku" (oftewel wijk) in hun Japanse naam onveranderd is gebleven. In totaal wonen hier circa 9 miljoen mensen.
3. De agglomeratie-Tokio of Groot-Tokio (Shuto-ken,Hoofdstedelijke regio ), bestaat uit de Japanse prefecturen Chiba, Kanagawa, Saitama, en Tokio (hiertoe behoren ook de miljoenensteden Yokohama en Kawasaki). Groot-Tokio is de grootste metropool ter wereld en telt zo'n 36,5 miljoen inwoners (census 2006).
Met dank aan onder andere Wikipedia...